< scenario LEMMINGEN scènes 1 t/m 33
34. INTERIEUR - HUIS ANNETTE
Annette leest de tekst voor uit Skrien nummer 4, februari 1969.
ANNETTE APON:
De Etats Généraux van de cinema hebben onvoorwaardelijk de
zijde van het proletariaat en zijn bondgenoten gekozen in hun
strijd tegen het kapitalisme en imperialisme, en ze hebben zich
concreet de vraag gesteld wat de functie is van film in onze
maatschappij. Voorlopig kunnen ze hier de volgende antwoorden op
geven: De dictatuur van de bourgeoisie heerst op alle niveau's.
De technische voorbereiding en de inhoud van films en
televisieprogramma's zijn niet alleen winstgevend voor enkele
mensen, maar vormen ook een ideologisch wapen in de handen van de
machthebbende klasse.
35. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS EN ARCHIEFMATERIAAL MAAGDENHUISFILM ZWART/WIT
De interviews zijn close gedraaid.
CAREL DONCK:
Ik herinner me dat ik in de kantine zat en dat opeens de deur
openging en Froukje Bos binnenkwam die zei: wij moeten hier ook
revolutie gaan maken.
CEES VAN EDE:
We waren een beetje het laatste jaar van een periode. Wat
1968 betekend heeft in de geschiedenis straalden wij als jaar
totaal niet uit. Dat is allemaal langs me heengegaan.
EDGAR BURCKSEN:
Op een gegeven ogenblik vertelde Dig, een van mijn vrienden,
dat er geheime plannen waren om het Maagdenhuis te bezetten. En
ik kan me nog herinneren, dat was op een donderdagavond dat we
met elkaar iets aan het eten waren, en die avond na de
andijviestamppot en de hopjesvla verdween hij met een breekijzer
de nacht in. Hij zou dus het Maagdenhuis gaan bezetten.
RUUD BISHOFF:
Toevallig stencilden we -eenmalig- bij de SJ toen daar
gestopt werd met alles omdat ze wilden kijken wat de studenten
aan het doen waren. Toen gingen we maar mee. Annette was daar ook
bij.
EDGAR BURCKSEN:
Dus we zijn even gaan kijken of het inderdaad bezet was. En
ja, daar stonden inderdaad wat agenten voor, en er hing een
spandoek van BEZET, mensen liepen vrijelijk in en uit. En Ruud
zei meteen dat is het begin van de revolutie. De omwenteling. Dus
we moeten dat echt vast gaan leggen en onze solidariteit gaan
betuigen. Dus we zijn naar binnen gegaan, we hebben daar wat
mensen ontmoet. Dig die was daar ook, die was met Ton Regtien en
hij zegt: god jullie zitten op de filmacademie, kunnen jullie
niet dit filmen. En toen zei Ruud, ja dat is misschien wel een
goed idee.
Van de Maagdenhuisbezetting is veel archiefmateriaal. Deels is dat gedraaid door Ruud, Carel, Annette en Edgar. Fragmenten van het materiaal worden onder de teksten gebruikt.
RENÉ SCHOLTEN:
Ik zat toen ook in de leerlingenraad, die was net ingesteld,
dat moest ook wel. Omdat de bezetting op een praktijkdag gebeurde
waren Edgar en Annette naar binnen gegaan met een camera. Maar ze
moesten dus materiaal krijgen, en daar had Koolhaas niet zoveel
zin in.
RUUD BISHOFF:
Er was geen leraar die zijn nek dorst uit te steken, tot Rein
Bloem zei: dit is mijn project. Toen heeft René nog gezorgd voor
extra materiaal dat met een mandje naar boven gehesen werd.
MARION HILHORST:
Het leuke was dat Fons Elders met de Maagdenhuisbezetting
zijn lessen omgooide. Zaten er niet ook mensen van ons jaar in
het Maagdenhuis? Edgar en Carel? Vanaf het dak van het solarium
konden we naar ze zwaaien.
KARST VAN DER MEULEN:
Ik begreep er niet zoveel van. Ik heb nog wel pannetjes eten
naar het Maagdenhuis gebracht, wilde er wel bijhoren, maar ik had
eigenlijk geen benul.
JAN RÖFEKAMP:
De logistiek van het Maagdenhuis vond ik wel heel spannend.
Het filmmateriaal werd over de Handboogsteeg van het ene raam
naar het andere raam gegooid. Dat was spannend. En wellicht ook
dat daar de oorsprong van mijn latere belangstelling voor
politieke film ligt.
RENÉ SCHOLTEN:
Ik herinner me een regenachtige ochtend, dat we buiten bij
het Maagdenhuis stonden en dat er een luidspreker buiten hing
waar die rare Russische geluiden uitkwamen. Dan stond je daar een
tijdje en dan ging je weer maar naar school.
EDGAR BURCKSEN:
En toen zaten we dus echt opgesloten. Dan gaat de hele
geruchtenmachine werken, van we worden ontzet door de arbeiders.
Die rukken op vanuit Oud-West, veertigduizend arbeiders die
rukken op en die komen ons ontzetten. Het was heel spannend. En
op een gegeven moment kwam de ME dus binnenrijden met een
gepantserd voertuig, en toen was het voorbij. De eerste
traangasgranaat werd geworpen en iedereen gaf zich meteen over.
Maar het interessante was dat wij een camera meegekregen hadden,
en dat was geen Bolex, we hadden echt een Arri, dus het zag eruit
als een echte professionele camera. En toen de aanval van de ME
kwam en iedereen eruit werd gezet ben ik dus met de camera achter
Annette, Ruud en Carel aangelopen, en die werden dus naar de bus
geleid om afgevoerd te worden. En ik wilde dus met die camera ook
de bus in maar ik werd dus zachtjes opzij geduwd, want ja ik was
de pers. Ik mocht niet mee in de bus. Dus ik ben met die camera
weer gewoon teruggelopen naar het Maagdenhuis en heb gefilmd dat
iedereen eruit werd gemept.
EDGAR BURCKSEN:
We hebben nog een uitbrander gehad dat er geen geld meer
uitgegeven mocht worden aan het project. We hebben geprobeerd -het
was mijn eerste echte montage- dingen in elkaar te zetten.
CAREL DONCK:
Bij de montage van de Maagdenhuisfilm hadden we ook wel echt
problemen gehad. Ruud wilde dingen doen terwille van het effect
die ik echt niet vond kunnen. Tendentieuze dingen. Ruud rustte
niet voordat hij gelijk kreeg.
EDGAR BURCKSEN:
Wij hebben zelf onze eigen Maagdenhuisfilm nooit kunnen afmaken
omdat we natuurlijk alleen maar materiaal hadden van binnen. En
we hadden geen geluid, we hadden gewoon een heleboel dingen niet.
Er waren ook dingen niet goed gelukt. We waren natuurlijk toch
eerstejaars.
36. ARCHIEFMATERIAAL - RUSHES OBLADI OBLADA ZWART/WIT
COMMENTAAR:
De dingen bestonden allemaal naast elkaar. Politieke film
naast persoonlijke film. Vietnam naast een nieuwe LP van
Jefferson Airplane of Soft Machine. Het Maagdenhuis naast het
Waterlooplein.
37. ARCHIEFMATERIAAL - FILMPJE OBLADI OBLADA ZWART/WIT
De eerste dertig sekonden van Obladi Oblada, met (uiteraard) muziek van de Beatles, is afgemonteerd. Het is een echte muziekclip. Verder zijn er rushes over. Hoofdrolspelers zijn klasgenoten Sjoebert (Carl Hubert) Schr÷der en Neeltje de Haan. Zwierig, erg sixties gekleed, lopen ze over het Waterlooplein van vóór de Stopera. We zien de karremannen met hun stapels oude kleren, de al lang afgebroken bebouwing.
38. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
CAREL DONCK:
Het eerste jaar vond ik moeilijk, ik had het gevoel een heel
eind terug te vallen. Mijn creativiteit ging naar een laag pitje.
Er bleef niets over als ik al die kleine oefeningen moest doen.
En met de technische vakken had ik niets. Samenwerking moest ik
ook nog leren. Ik durfde weinig.
DIRK TEENSTRA:
Ik had altijd het gevoel: ik doe maar wat. Ik had geen idee
van een richting in mijn leven. Ik liet me gewoon een beetje
meedrijven. Karst en Geert wisten het ongetwijfeld wel, maar dat
vonden we dubieus. Ambitie was een vies woord.
EDGAR BURCKSEN:
Voordat ik het wist zat ik in allerlei actiecomité's en deed
ik mee met demonstraties. Ja, ik ben het eerste jaar heel snel
geradicaliseerd.
CEES VAN EDE:
Wat ik me herinner is dat ik ontzettend zat te ploeteren wat
ik dan te melden had. Ik kan me de eerste scriptjes herinneren
die echt uit mijn tenen kwamen.?Ik heb ze nog wel eens
doorgebladerd en vind ze pathetisch. Het was meer de drang om in
die wereld terecht te komen dan dat ik echt iets wilde melden.
39. ARCHIEFMATERIAAL - FILMPJE SCHUBERT
Neeltje Blanken de Haan speelt de rol van pianiste in een verder nogal raadselachtig, maar fraai gestileerd gedraaid zwart/wit filmpje. Het materiaal is trouwens niet echt gemonteerd.
COMMENTAAR:
Neeltje was na de kerstentamens al gewaarschuwd dat haar
cijfers te slecht waren. Het Paastentamen heeft ze al niet meer
meegemaakt. Aan het einde van het eerste jaar waren we nog maar
met zijn twintigen over. Eén was er nooit verschenen. Acht waren
er afgevallen.
40. INTERIEUR - STUDIO - PAPIEREN ARCHIEFMATERIAAL
De pasfotootjes van Margriet Jongerius, Alex Bolle, Neeltje Blanken de Haan, Otto Schuurman, Joris Verdonkschot, Liesbeth Okma, Justus Buma, Wilfred de Boer en Hillie Molenaar.
41. INTERIEUR - INTERVIEW HILLIE MOLENAAR
Close gedraaid.
HILLIE MOLENAAR:
Ik ben er uiteindelijk afgegaan niet wegens Ivens of zo, dat
speelde wel, maar ik kreeg geen beurs. Ik had geen rooie cent.
Dus ik moest wel weg, maar ik was ook teleurgesteld. Ik vond het
amateuristisch.
42. INTERIEUR - STUDIO - PAPIEREN ARCHIEF NFA
De dossiers met tentamenuitslagen en de beslissingen van Koolhaas en de docenten. Close teksten als: Niet toegelaten tot het tweede jaar.
43. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
Close gedraaid.
ANNETTE APON:
De komst van Harry Kümel was heel belangrijk. Dat was in het
tweede jaar. Van september tot aan de kerst liet hij heel veel
films zien en vertelde daarover. In het eerste jaar was zoiets
niet aan bod gekomen.
EDGAR BURCKSEN:
Over het algemeen leek het alsof wij op de filmacademie les
kregen van geflipte filmers. Mensen die mislukt waren in de film.
Incluis Koolhaas. En Harry was een succesvolle filmer. Die met
gedrevenheid bezig was. Hij was heel erudiet, en hij kon
fantastisch vertellen over film. Ik vrat op wat hij zei. Het was
echt fantastisch. En bovendien hij was ook degeen die Cees gewoon
van repliek kon dienen. Cees echt in een hoek kon praten.
ROB BONGERS:
Ik zal nooit vergeten dat Harry de eerste keer meteen al vier
films op een dag draaide, waarvan er twee slechte C- of D-films
waren, die toch volgens Harry prima in elkaar zaten.
CAREL DONCK:
Harry ging daar zo diep op in dat het een wereld op zich werd.
Ik vond dat fantastisch. Harry's manier van kijken was zo goed.
44. FRAGMENT SHANGHAI EXPRESS VAN VON STERNBERG - ZWART/WIT
De trein van Peking naar Shanghai rijdt dwars door een drukke stadswijk. Tientallen voetgangers steken nog even over voor de trein er aankomt. Op de rails staat ook een koe, met een kalfje dat aan het drinken is. De trein stopt. Alle passagiers gaan uit de raampjes kijken wat er aan de hand is. Zo zien Shanghai Lily (Marlene Dietrich) en captain Harvey (Clive Brooks) elkaar terug in een onverwachte ontmoeting. Twee close ups, een two shot. Marlene buitengewoon koket.
H: Magdalen..
M: Well, Doctor, I haven't seen you in a long time. You haven't changed at all, Doctor.
H: You have changed a lot Magdalen.
M: Have I, Doc? You mind me calling you Doc, or must I be more respectful?
H: You never were respectful and you always did call me Doc. I'd never think I would run into you again.
M: Have you thought of me much, Doc?
H: Let's see, exactly how long it has been?
M: Five years and four weeks.
H: Five years and four weeks I have thought of nothing else.
M: You were always polite Doc. You did not change a bit.
H: You have Magdalen, you changed a lot.
M: Have I lost my looks?
H: No, you are more beautiful than ever.
M: How I have changed?
H: I don't know. I wish I could describe it.
M: I have changed my name.
H: Married?
M: It took more than one man to change my name to Shanghai Lily.
H: So you are Shanghai Lily?
M: The notorious white flower of China. And you 've heard of me. And you always believed what you heard.
H: I still do. You see I have not changed at all.
De koe en het kalfje zijn intussen van de rails verwijderd. De trein kan weer doorrijden.
45. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
Bijna iedereen van mijn klasgenoten kent de zin It took more than one man to change my name to Shanghai Lily -in het Engels, of in het Nederlands- nog uit zijn hoofd. We zien een snelle montage van een flink aantal mensen die de zin uitspreekt: "Er was meer dan één man voor nodig om mijn naam te veranderen in Shanghai Lily".
46. FRAGMENT SHANGHAI EXPRESS VAN VON STERNBERG - ZWART/WIT (vertraagd)
COMMENTAAR:
We speelden dat na, in de studio, in het oude gebouw. Cees
was Doc en ik was Shanghai Lily. Het maakte diepe indruk op me.
Het spelen zelf, en het proberen te achterhalen wat Von Sternberg
bedacht moest hebben om de scÞne te krijgen die het geworden was.
47. INTERIEUR - INTERVIEW MARION
Close interview.
MARION HILHORST:
Dat Shanghai Express moesten we zo vreselijk uitkauwen. Kümel
kon me niet uitstaan. Dat kwam doordat ik tegen hem bij de
vertaling van Shanghai Express gezegd had dat een bepaald woord
geen goed Nederlands was. Misschien ging het om het woord "spichtig".
Cees van Ede viel hem toen bij en daardoor werd ik volkomen
binnen de klas genegeerd. Toen is begonnen dat ik me niet zo
lekker daar voelde. Met lood in de schoenen ging ik naar lessen
toe, en sommige lessen ging ik ook maar niet heen.
48. ARCHIEFMATERIAAL TITELS ONZICHTBARE VERZAMELING
Rushes. Het materiaal is bekrast, rood verkleurd.
COMMENTAAR:
Daarna zouden we een film met Harry maken. De Onzichtbare
Verzameling, naar een verhaal van Stefan Zweig.
49. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
CAREL DONCK:
Het was in het oude gebouw, op zolder, het was winter, de
verwarming deed het niet. Daarom schreven we toen in hotel Polen.
Ik behoorde tot de gelukkigen die met Harry mochten schrijven.
Harry waardeerde het zeer dat de mensen rond Skrien zoveel films
zagen. Ik ging weleens tussendoor naar de film als ik even een
plas wou doen. Met Harry gingen we ook wel 's avonds nog even een
film zien. Ik had me wel aangeleerd om te wachten met te zeggen
wat ik er van vond. Het was verstandiger om eerst te zien wat
Harry ervan vond.
ANNETTE APON:
Dat was heel bijzonder, die sessies met hem. Carel was
daarbij.. en wie was daar nog meer bij?
RUUD BISHOFF:
Een belangrijk moment was toen de verwarming uitviel. Met
Harry gingen we toen naar hotel Polen. Avonden lang werkten we
aan het scenario en het draaiboek. Niemand hield dat vol, op het
laatst waren alleen Annette en ik nog over.
BORGER BREEVELD:
Met De Onzichtbare Verzameling had ik niets te maken. Het
sprak me niet aan. Het was ook een typisch Europees ding.
LOUK VREESWIJK:
Voor Harry Kümel voelde ik niets, terwijl veel mensen zijn
lessen interessant vonden. Ik had ook niets met De Onzichtbare
Verzameling te maken. Ik was toen al meer de documentaire
richting opgegaan was.
CEES VAN EDE:
Ik had nogal een ingewikkelde verhouding met Harry. Ik geloof
niet dat ik er iets mee te maken had.
50. FRAGMENT DE ONZICHTBARE VERZAMELING - KLEUR
Een scène met Pierre Myin als meneer Frank die als oude blinde verzamelaar zijn gravures wil laten zien aan kunsthandelaar Roelofs (Johan Remmelts). De gravures zijn echter inmiddels verkocht. (Of een scène met Loudi Nijhoff als Louise, de vrouw van Frank, en Henny Orri als dochter.)
51. INTERIEUR - INTERVIEW CAREL
Carel kent zo ongeveer nog iedere zin uit zijn hoofd. Hij citeert wat in hem opkomt. Hij doet dat met een verbijsterend enthousiasme. (een parallel in teksten met de vorige of volgende scène lijkt me aardig).
52. INTERIEUR - STUDIO - OUDE SCRIPTRAPPORTEN
In mijn eigen archief bevindt zich een ordner met scriptrapporten van De Onzichtbare Verzameling, compleet met draaiboek en dialogen. Vaak ook met tekeningen en plattegronden. Hier en daar een fotootje. We zien stukken tekst, clair obscur uitgelicht, vangen woorden op (die net door Carel genoemd zijn). Vage polaroid-fotootjes. Duidelijk wordt zeker ook de serieusheid waar toen mee gewerkt werd.
COMMENTAAR:
Ik was scriptgirl. En ik had ook voor nogal wat rekwisieten
gezorgd. Mijn ouders bewaren veel. Het meest verschrikkelijke
moment was toen ik niet meer wist of Henny Orri links dan wel
rechtsaf de gang ingelopen was. Harry was ziedend. Dat soort
dingen was het enige waar ik op moest letten, en dat deed ik dan
niet. Ik barstte in tranen uit. Scriptgirl lag dus ook al niet
echt binnen mijn mogelijkheden.
ROB BONGERS:
Ik was operator bij De Onzichtbare Verzameling, samen met
Dirk. Daar heb ik meer geleerd over licht dan het hele jaar
daarvoor.
DIRK TEENSTRA:
Een van de hoogtepunten van het tweede jaar was dat we op
Cinetone draaiden. Eerst was ik camera-assistent, en later mocht
ik zelf draaien. Het beviel me prima.
ROB BONGERS:
Ik had een keer de camera voor Harry had neergezet, en Harry
had toen gezegd: een beetje scheef bestaat niet, een beetje
gecentreerd ook niet: het is of gecentreerd of goed scheef..
Kadreren was belangrijk voor Harry.
ANNETTE APON:
De opnames van De Onzichtbare Verzameling hebben veel
verwarring bij me veroorzaakt. Ik zou het regisseren, maar daar
kwam niets van terecht. Harry regisseerde die film. Ik vond dat
hij een rare verhouding had tot de acteurs. Het waren allemaal
acteurs die ik wel kende, of die mij als kind gekend hadden. Ik
zou heel anders met hen omgegaan zijn, terwijl Harry toch
nadrukkelijk een soort voorbeeld stelde. Het duurde lang voordat
ik zelf weer aan regie durfde te denken.
EDGAR BURCKSEN:
Harry die ging dus zelf monteren, maar op een gegeven moment
had hij geen tijd meer en het project verzandde zoals bijna alles
in de filmacademie. Het leek erop alsof het nooit af zou komen.
Toen heb ik mezelf opgeworpen, tegen Harry gezegd dat ik het af
zou maken. Iedereen had allang afgehaakt. Niemand vond het meer
interessant. Dus ik ben voor het eerst echt begonnen met
monteren, ook met geluid, echt nachten door. Ik geloof dat Jef me
een keer heeft verteld hoe de tafel werkte, zo gaat ie vooruit,
zo gaat ie achteruit, hiermee ontkoppel je het beeld, en voor de
rest moest ik het maar uitzoeken.
53. ARCHIEFMATERIAAL - RUSHES BIOSFEER 5
Het rushmateriaal is in kleur geprint, maar vooral het rood is overgebleven. Er zit ook zwart/wit materiaal tussen, soms van dezelfde scÞne. Er is een opname van een koe in een weiland, maar voor het bedoelde shot echt begint -voor de klap- doet René Scholten erg zijn best de koe op de goede plek te houden. In een fitnessruimte waar Marcelle Meulemans op een fiets trapt, doet Cees de klap. Er zijn verschillende takes. Steeds duikt Cees op, met klap, zelfbewust, met een zonnebril op. Ook Theo doet een paar keer klap.
COMMENTAAR:
Biosfeer was het andere grote project. Een documentair
project in vijf delen over milieuverontreiniging. In 1970 was dat
een tamelijk nieuw onderwerp. Koolhaas had er extra geld voor bij
elkaar gekregen bij het Prins Bernardfonds. Het project zou ons
tot diep in het derde jaar bezighouden. We wisten eigenlijk
helemaal niet hoe we zoiets ingewikkelds moesten aanpakken.
Ik deed geluid bij deel 3, tot de regisseur ermee ophield.
Toen maakte ik dat deel maar af.
54. EXTERIEUR - FILMACADEMIE GEBOUW OVERTOOM
Vanuit de poort zien we het stevige bakstenen gebouw liggen. Aan de buitenkant is niet te zien dat het gebouw inmiddels verlaten is. Herfstbladeren van een esdoorn dwarrelen naar beneden.
COMMENTAAR:
Ergens in deze tijd moeten we verhuisd zijn, van de Nieuwe
Zijds naar de Overtoom. Echte montagekamers waren er, een
geluidsstudio, twee grote opnamestudio's. En een projectiezaal
waar de leuningen van de gloednieuwe stoelen gemeen in je rug
prikten.
55. ARCHIEF KLEURMATERIAAL AGFA GEVAERT MORTSEL
Een proeffilmpje waar een vreemde sombere dreiging vanuit gaat. In een ru´ne worden Louk, Theo en René gevangen gehouden door Nico van der Zee. Eén voor één worden de gevangenen opgehaald zodat hun maten genomen kunnen worden en gegevens genoteerd worden.
COMMENTAAR:
Die winter zijn we in Mortsel geweest, op uitnodiging van
Agfa Gevaert, zodat we goed op de hoogte zouden zijn van de
kwaliteit van hun materiaal. We deden testjes en maakten kleine
filmpjes. Nico is er nog op te zien, als geheimzinnige bewaker
die Theo, Louk en René gevangen houdt. Aan het einde van het
tweede jaar zou Nico het dringende advies krijgen maar van school
te gaan. Net als Ronald.
56. INTERIEUR - INTERVIEW RUUD
RUUD BISHOFF:
Nico was opeens zomaar verdwenen. Ik ben nog met Edgar naar
zijn kamer geweest, maar er was niets meer. We hadden het
vermoeden dat hij totaal geflipt in een commune terecht was
gekomen.
57. INTERIEUR - INTERVIEW MARION
MARION HILHORST:
Kümel wou niet dat ik overging, hij wou me van de academie
afhebben. Sommigen wilden mij en anderen Ronald Watson niet tot
het 3e jaar toelaten. De klas had het gezegd. De klas vond dat ik
eruit moest. Tegen Koolhaas heb ik toen gezegd: Als mijn
medeleerlingen me niet zien zitten, moeten ze me dat maar zelf
vertellen. Maar dat is dus nooit gebeurd. Dan kan je je
verdedigen, maar dit vond ik nogal een laffe houding.
58. ARCHIEF KLEURMATERIAAL AGFA GEVAERT MORTSEL
Vervolg van het filmpje met de 'gevangenen'. Sombere beelden van de ruïne van een oude villa.
COMMENTAAR:
Marion bleef dus. Maar we zouden haar niet vaak zien. Na het
theoretisch eindexamen zou een stageperiode beginnen. Marion zou
op reis gaan, en te laat terug komen om nog in de planning van de
eindexamenfilms te passen.
59. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
ROB BONGERS:
Eigenlijk was de school na twee jaar afgelopen. Ik heb een
half jaar bij de NOS gezeten, waar ik met Geert "Jazz me
baby" maakte. Daarna bij Bob Kommer, dus documentaire, en
bij Film en Wetenschap op de animatieafdeling. Je was behoorlijk
afgesneden van alles.
RUUD BISHOFF:
Ik zat bij de NOS. Ik liep mee met de productiemanager van
'De wagen staat voor' van Aart Staartjes.
EDGAR BURCKSEN:
Ik heb met Harry Kümel Malpertuis gedaan.
THEO VAN LEEUWEN:
Ik maakte vier filmpjes voor de Stichting Film en Wetenschap,
en daarna deed ik iets bij de AVRO. Daar had ik na het vierde
jaar terug kunnen komen.
RENÉ SCHOLTEN:
We hadden een NOS-stage, op Santbergen. Mijn tweede stage was
bij Haanstra. Mijn vader overleed in november 1971, dus het
eerste deel van het vierde jaar, en toen zat ik bij Haanstra.
LOUK VREESWIJK:
Ik herinner me dat ik wel op Santbergen geweest ben, maar dat
vond ik vreselijk. Ik hield erg van Indiase klassieke muziek, en
wist iets van Indiase alternatieve film. Daarom ging ik naar
India. Het reizen door het land bleek belangrijker dan de Indiase
filmindustrie. Het was wel lastig daarna omdat ik niet meer goed
in de planning voor de eindexamenfilms paste. Theo heeft me dat
erg kwalijk genomen en daarmee was onze vriendschap afgelopen.
Het is ook nooit meer goed gekomen.
JAN RÖFEKAMP:
Ik was op goed geluk naar de Bray studio's gegaan. Ik kende
dat van de credits, en had dat uitgezocht. Het was in Windsor. Ik
arriveerde per trein en liep naar het studio complex toe. Het was
helemaal verlaten, op wat mannen na die aan het opruimen waren.
Ik ging naar binnen en herkende decorstukken van de films.
Uiteindelijk kwam ik bij een man achter een buro -dat bleek Don
Weaks te zijn- die eigenlijk de tent aan het sluiten was. Want
Hammer was failliet. Er zouden nog twee producties gedaan worden,
in de Elstree Studio's. Daar moest ik me maar melden. Dat heb ik
gedaan, ik werd vriendelijk ontvangen, en kon wat doen bij
televisie series, in de studio. Maar Hammer was over, door de
Amerikanen, en geliquideerd.
DIRK TEENSTRA:
Met Theo Kok zat ik tegelijk bij Polygoon. Theo zag het toen
al meer als een vak. Hij maakte zich ook veel meer zorgen. Hij
beschouwde het echt als iets waar je je geld mee moest verdienen,
terwijl ik het als spelen zag, met als doel iets moois te maken.
THEO KOK:
Daar begon het echt. Je had als stagiaire een eigen camera!
35 mm! En je kon in een heleboel theaters gaan kijken waar jouw
dingen draaiden! Helemaal te gek. Ik maakte van alles mee. Ik
kwam bij bedrijven over de vloer, bij mensen thuis. Dus mijn
wereld werd groter. Het was een warm bad, heel fijn.
KARST VAN DER MEULEN:
Ik had in Engeland bij de Childrens Film Foundation stage
gelopen. Bij drie speelfilms en een aantal serials was ik
betrokken geweest. Dat was allemaal gericht op het werken voor en
met jeugd. Ik had ook nog een groot project in scholen opgezet.
Een soort educatief project. Een klein groepje kinderen had ik
een kamera gegeven en ik had gekeken hoe ze dan tot een verhaal
kwamen, en uiteindelijk een filmpje maakten.
CAREL DONCK:
Eerst bij de NOS, op Santbergen. Daarna in Tsjechoslowakije,
daar was ik al eerder geweest. De stage leverde overigens niet
veel op. Ik had het gevoel dat ik nog helemaal niet klaar was
voor het vierde jaar. Ik had eigenlijk nog niets gedaan. In Praag
was me ook materiaal aangeboden om een filmpje te maken, maar ik
had het niet aangedurfd.
60. *BEELD
COMMENTAAR:
En na de stage zouden er in het vierde jaar eindexamenfilms
gemaakt worden, maar hoeveel en door wie? Iedereen mocht een plan
indienen, waarom zou ik het niet proberen?
61. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
De interviews zijn close gedraaid.
RENÉ SCHOLTEN:
Ik heb het gevoel dat het niet helder was hoe ze dat precies
wilden aanpakken, omdat het nieuw was zoals het gebeurde. Daarvóór
werd het gewoon door Koolhaas of door de docenten bepaald. Nu zou
het anders gaan. We zouden het zelf ongeveer uitmaken.
Op een gegeven moment moest iedereen zijn project indienen. En er
zou dan geheim gestemd worden, op eigen vergaderingen, waar geen
docent bij was. Het ging om 14 films, en er konden er zes of
zeven gemaakt worden.
ROB BONGERS:
Ik herinner me vooral dat we elkaar zo verdomd weinig zagen,
alleen 's avonds met vergaderingen. Iedereen was met zijn eigen
project bezig.
CAREL DONCK:
Er waren voortdurend vergaderingen. Sommige projecten waren
al vrij snel beslist. Daar zat ik niet echt bij. Ik denk dat jouw
(=DS) project snel beklonken was.
ANNETTE APON:
Over de projecten werd gestemd. Volgens mij verliep die
stemming iedere keer totaal anders. De ene keer stond je boven,
de andere keer stond je onder. De scenario's werden dan weer
herschreven.
RUUD BISHOFF:
Annette was aan het instuderen hoe ze dramatisch met haar
ogen zou moeten rollen en hysterisch zou moeten gaan gillen enzo
als haar project afgewezen zou worden. In klein comité heeft ze
dat ingestudeerd.
RENÉ SCHOLTEN:
Wat ik me herinner, is dat mijn project op de 7e plaats
eindigde, en dat er 6 konden worden gemaakt. En toen heb ik het
verder laten zitten. Mijn scenario was ook eigenlijk niet zo goed.
CEES VAN EDE:
Mijn project ging er soepel doorheen, maar Geert Popma haalde
bokkesprongen uit om een project -desnoods een documentaire- er
doorheen te slepen.
RUUD BISHOFF:
In het eerste en zelfs tweede jaar kreeg je nog wel eens zomaar
iets van een ander, maar later gebeurde dat nooit meer. Niemand
uit ons jaar wilde me helpen met de begroting want misschien was
het een project dat niet doorging.
DIRK TEENSTRA:
Ik dacht dat het allemaal wel goed zou komen. Omdat er maar
twee cameramannen in de klas waren, kon het niet fout gaan. Ik
wist zeker dat ik nooit door Karst gevraagd zou worden. Van al
die vergaderingen over wat er doorging weet ik eigenlijk niets af.
EDGAR BURCKSEN:
En ik was eigenlijk de enige die echt geluid deed in ons jaar
geloof ik. En ik dacht ik doe alleen geluid voor een film als ik
hem ook mag monteren. En dat heb ik ook gesteld aan het begin.
RUUD BISHOFF:
Bepaalde groepsvorming nam toe, en er was veel meer
kinnesinne dan daarvoor. En manipulaties en dat soort dingen.
Schuin achter Ruud Bishoff zit Madeleine Bishoff-Boonstra. Ze kennen elkaar al vanaf die tijd dat Ruud op de NFA zat. Ze heeft zich erg betrokken gevoeld bij wat er in het vierde jaar gebeurde.
MADELEINE:
Mensen vormden geen eenheid. Iedereen had een film kunnen
maken. Er zijn producties gemaakt die heel prijzig waren. Het
geld had gedeeld moeten worden. Toen wilde iedereen bewijzen dat
hij geniaal was. Ze hebben mekaar kapot gemaakt. Het was echt
vreselijk.
EDGAR BURCKSEN:
Ik weet dat jij (=DS) het goed vond als ik ging monteren. Ik
geloof dat Annette dat ook wilde, en Ruud, maar Karst die wilde
dat weer niet want die wilde zelf monteren. Dus ik heb Karst zijn
film niet gedaan. En Annette's film viel af. Ruuds film die is
uiteindelijk wel gedaan maar...ik geloof dat hij hem ook zelf
wilde monteren
RUUD BISHOFF:
Wij hadden aanvullende vergaderingen in de kelder van
Paradiso en daar lagen de bijlen op tafel. Vanaf oktober 1968 was
ik bezig geweest het zo te sturen dat er een groep zou ontstaan
waarmee je verder kon gaan. Dat werd totaal afgebroken.
MADELEINE:
Ik dacht dat het Ruuds vrienden waren. Maar sinds die tijd
geloof ik niet meer in vriendschap.
EDGAR BURCKSEN:
Dat is echt voor het eerst dat ik hoor dat daar problemen
waren.
KARST VAN DER MEULEN:
Er is een moment geweest dat ik dacht: ik ga weg. Dat was op
het moment dat de eindexamenfilms gekozen werden. Mijn
eindexamenproject was dus een kinderfilm. De crew was al rond:
Theo Kok camera, Titia Jaarsveld script, Boy van Hattum geluid.
Een flink deel van het budget was toegezegd door het
Productiefonds. Toen was er de cruciale rampvergadering waar
classicaal gestemd werd over alle projecten die gemaakt moesten
worden. En toen werd mijn Circusproject weggestemd. Dat was in
een fase waarin ik al zo verschrikkelijk veel had voorbereid. De
lokaties waren gekozen, de kinderen waren uitgekozen en die waren
al bij kindercircus Elleboog aan het trainen.. die moesten zelf
iets kunnen doen.. kortom dat was echt een ramp. De gedachte
erachter was dat het beschikbare geld -f 40.000 àf 50.000,- dat
dat dan wel in de pot van algemene middelen zou komen Daar heb ik
een stevige stok voor gestoken.
THEO KOK:
Karst was vreselijk teleurgesteld. Ik vond het geen werk. Het
was een soort blokkade. Cees had tegengestemd omdat Karst niet
zo'n dure film kon maken. Ik ben direct na het vierde jaar, in
september getrouwd, en toen heb ik Cees niet uitgenodigd. De hele
klas is geweest. En Cees had ik niet uitgenodigd.
ANNETTE APON:
Ik was erg verbitterd. Het was ook erg ingewikkeld omdat het
uiteindelijk je eigen klas was die dat oordeel velde.
RENÉ SCHOLTEN:
Ik had altijd het gevoel: hoe hard wilde ik het nou. Ik heb
meegedaan, en bijna had ik het gewonnen, maar ik dacht ook hoe
erg zou het allemaal geweest zijn als ik het had moeten maken
KARST VAN DER MEULEN:
Ik woonde toen nog bij mijn ouders en ik ben toen 's avonds
in de verkeerde trein gestapt. De projecten die het groene licht
kregen waren allemaal met hogere doelen en vagere achtergronden:
kunst tussen aanhalingstekens. Mijn verhaal was gewoon een
verhaal. Dat werd te square gevonden.
LOUK VREESWIJK:
Ik zou in het vierde jaar iets voor het Rijksmuseum doen,
maar dat is niet doorgegaan. Ik weet niet precies wat ik verder
gedaan heb. Van het vierde jaar herinner ik me verder niets.
CAREL DONCK:
Een paar dagen voor de opnames van mijn eigen project dacht
ik: ik moet ziek worden. Ik ben naakt op bed gaan liggen met het
raam open na een halve fles sherry opgedronken te hebben. Maar ik
werd helemaal niet ziek, en ik heb me er vervolgens maar doorheen
geslagen. De angst sloeg wel erg toe. We hadden ook niets
meegekregen om ons daar staande in te houden.
62. ARCHIEFMATERIAAL KLEUR - PROEFOPNAMES GROETEN UIT ZONNEMAIRE
Ik (=DS) zit op een stoel bij het raam in mijn huisje in Zonnemaire. Voor het raam -waar de zon doorvalt- zijn verschillende filters geplakt als proefje voor wat het meest gewenste contrast op zou leveren. Het proefrolletje duurt tien minuten. Ik ben tien minuten in beeld. Heel jong, heel onzeker. Af en toe kijk ik de camera in, af en toe zeg ik wat, maar de film is stom. Iedere opname begint medium, maar de camera zoomt langzaam in tot close up. (uiteraard zou ik maar een klein deel van de tien minuten willen gebruiken).
COMMENTAAR:
Voor mijn filmpje deden we testjes om verschillende soorten
filters voor de ramen uit te proberen. Ik was object. Tien
minuten lang op film.
Na 28 jaar haalde ik het rolletje uit het blik en bekeek het opnieuw. Zo was ik. Zo was het beeld van me op 16 mm kleuren film. Dat beeld is haarscherp. Ik zie iemand die zeker en onzeker tegelijk is. En verbijsterend jong. Het had nog van alles kunnen worden.
Muziek: het begin van Hope for Happines van The Softmachine.
63. ARCHIEFMATERIAAL KLEUR - PROEFOPNAMES GROETEN UIT ZONNEMAIRE
Er zijn ook buiten proefopnames gemaakt. René -toen nog met rode baard- staat op de dijk bij Zonnemaire. Verderop sta ik in beeld te kijken of het goed gaat.
64. INTERIEUR - FILMACADEMIE GEBOUW OVERTOOM
De camera rijdt langs de deuren van de grote studio. Alles is verlaten. De studio is ontmanteld. Door de deuren aan de achterzijde schijnt de zon naar binnen. Herfstbladeren van de bomen achter het gebouw filteren deels het licht.
65. ARCHIEFMATERIAAL - SCÈNE UIT NA DE FILM VAN CEES
Een fragment uit Cees' film: Cançi Geraerdts staat in een decor dat zich in de studio bevindt. De camera rijdt op haar in. Ze heeft een lange monoloog die indruk maakt.
66. INTERIEUR - GROTE STUDIO FILMACADEMIEGEBOUW OVERTOOM
Een ruime panbeweging langs de muren en het plafond van de studio. Alles is leeg en verlaten.
COMMENTAAR:
Uiteindelijk werden er 8 filmpjes gemaakt. Rob maakte een
tekenfilm, Ruud een documentaire, en Carel een videofilm.
Sjoebert, Theo, Cees, Edgar en ik maakten speelfilmpjes.
67. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
Korte fragmenten van de verschillende projecten -waar dat toepasselijk is- zouden tussen de tekst gemonteerd kunnen worden.
JAN RÖFEKAMP:
Ik heb goede herinneringen aan de film van Cees omdat daar
echt goed met acteurs werd gewerkt. Het filmpje zelf vond ik een
beetje onzin. Ook Edgars filmpje herinner ik me.. Technisch was
dat interessant. Bij Carel Doncks project was ik ook betrokken.
Ik deed daar iets met vuur, een special effect.
CAREL DONCK:
Ik dacht vooral: ik moet het overleven.
ANNETTE APON:
Ik ben toen assistent geweest bij Theo van Leeuwen en bij
Sjoebert. Mijn zelfvertrouwen was toch niet helemaal geschokt,
maar dat kwam vooral door mijn werk voor Skrien en voor De Groene.
MARION HILHORST:
Ik heb geen idee. Ik denk niet dat ik bij een film betrokken
ben geweest. Het is een volkomen zwart gat. De filmacademie is
voor mij als een nachtkaars uitgegaan.
DIRK TEENSTRA:
Ik ben erg lang met De Opgefokte Olifant bezig geweest. En
verder heb ik Na de film, en Zonnemaire gedraaid. Wat ik er
voornamelijk van geleerd heb: sociaal te functioneren. Dat kon ik
heel moeilijk. Ik was daarvoor toch een erge Einzelgänger. Het
heeft me wel wat sociaal bewustzijn bijgebracht.
CEES VAN EDE:
Zonnemaire vond ik echt top, daar heb ik zoveel plezier mee
gehad. Ik blijf volhouden: dat filmpje van jou is zo goed omdat
Heleen en ik het met mekaar deden in die tijd. Je voelt het. En
jij en René waren daar heel erg op tegen omdat jullie bang waren
dat dat interfereerde.
68. ARCHIEFMATERIAAL - RUSHES GROETEN UIT ZONNEMAIRE
Een jonge vrouw -Rina in de film, gespeeld
door Heleen van der Wusten- loopt met een bosje bloemen naar de
voordeur van een huis. Een oudere vrouw -Rie Gilijamse- doet open.
Er zijn nogal veel takes van deze opname. De klap wordt gedaan
door Cees, en één keer door Dirk. Allebei doen ze opvallend
vrolijk.
Het materiaal ziet er trouwens nog opvallend mooi uit.
69. INTERIEUR - INTERVIEW DIRK
DIRK TEENSTRA:
Ik begreep je (=DS) niet altijd. Bij Cees vond ik dat
trouwens ook moeilijk. Bij Hubert begreep ik er echt helemaal
niets van. Wat werken op een set was, begon toen pas tot je door
te dringen. Het was het belangrijkste wat er op dat moment aan de
orde was, de hele wereld stond stil. Dat was toch een heel
merkwaardig fenomeen: helemaal opgeslorpt te worden door één
zo'n filmpje. Al die ruzies en intriges, weet je wel, in dat
huisje daar? Bloedserieus. Wat vond jij daar allemaal van, toen?
70. ARCHIEFMATERIAAL - RUSHES GROETEN UIT ZONNEMAIRE
Een stukje 'rommel': Edgar wijst lachend op een accu die blijkbaar vergeten was. De camera pant opzij en komt mij (=DS) tegen terwijl ik met een statiefkop bezig ben. De sfeer lijkt eigenlijk heel vrolijk, heel ontspannen te zijn.
COMMENTAAR:
Ik vond het moeilijk. Alles vond ik moeilijk.
71. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
RENÉ SCHOLTEN:
Ik herinner me dat het moeilijk was , maar ik was wel een
soort buffer. Het hoort bij het werk van een producent om de zaak
bij elkaar te houden. Ik voelde me wel echt producent. Dat begon
misschien wel toen.
72. INTERIEUR - FILMACADEMIE GEBOUW OVERTOOM
Trage rijers door verlaten lokalen en gangen. Hier en daar zijn restanten van het filmische verleden te zien: een rolletje film, deels afgerold. Een oude typemachine. Affiches. Een oude perfomachine. Een lijstje met telefoonnummers dat beweegt in de wind die door het kapotte raam naar binnen waait. Onmiskenbaar is dit allemaal verleden tijd.
73. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
THEO VAN LEEUWEN:
Wij moesten 's nachts monteren. Daar heb ik goeie
herinneringen aan, dat ik met René 's nachts mijn eindexamenfilm
monteerde. Dan gingen we nog even naar het café voordat het
sloot, en 's ochtends om vier uur gingen we ergens koffiedrinken.
CAREL DONCK:
Ik reed toen met Koolhaas naar Utrecht om daar mijn
eindexamenfilm te gaan zien. Ik herinner me een aantal momenten
van die rit. We tankten benzine bij Breukelen. Ik was vergeten de
veiligheidsriem aan te doen. Koolhaas zei: "Moet jij je
jonge leven niet beschermen?". Verder werd er vooral
gezwegen. Ook bij de vertoning. Zelf had ik het gevoel dat mijn
project met de moed der wanhoop gemaakt was. Na het zien zuchtte
Koolhaas eens. De Vogel, die daar de baas was, zei dat iedereen
heel tevreden was over de samenwerking en het project. Maar
Koolhaas zei niets, en in de auto durfde ik ook niets te vragen.
Voor mij was dat de lijn van de academie: ik was begonnen met
hoge verwachtingen van Koolhaas, en tenslotte vertrokken met dat
zwijgen. Ik had het gevoel dat ik met niks de filmwereld
binnenstapte.
THEO VAN LEEUWEN:
Tijdens de toespraak bij het eindexamen las Koolhaas voor wat
ik bij het toelatingsexamen gezegd had Dat ik hoopte film te
kunnen combineren met mijn meer academische ideeën. Koolhaas had
me ook voortdurend voorgehouden dat het niet kon wat ik wou. Die
analytische interesse van mij dat zou mijn creativiteit volkomen
in de weg staan, daar kwam niets van terecht.
74. INTERIEUR/EXTERIEUR - TREIN LONDEN - CARDIFF
Theo zit in de trein, en leest geconcentreerd in een map met papieren. Hij kijkt even op naar buiten. Een glooiend heuvellandschap dat voorbij flitst.
75. INTERIEUR - INTERVIEW CEES
CEES VAN EDE:
Dat is een les van het leven: dat je nooit ongestraft wat kan
doen. Dat alles wat je doet je tekent en vormt. Je moet de
consequentie aanvaarden van de stappen die je zet.
76. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
Van alle betrokkenen zien we een kort portret. Medium gekadreerd, zodat we net iets zien van hun omgeving: een huiskamer, een werkplek. Iedereen kijkt in de lens. Geconcentreerd. Betekenisvol.
Zacht duikt de muziek van Hope for Happines op.
77. INTERIEUR - STUDIO - PAPIEREN ARCHIEF NFA
Heel snel gemonteerd zien we nog even de oude pasfotootjes. Twee fotootjes staan iets langer: Liesbeth Okma en Geert Popma.
COMMENTAAR:
Twee mensen zijn dood van de 29 die in 1968 toegelaten werden.
Liesbeth mocht niet door naar het tweede jaar, maar Geert deed
eindexamen en werd televisieregisseur van Top Pop en Per seconde
wijzer.
(inmiddels al vier, ds oktober 2003)
78. INTERIEUR - INTERVIEW THEO
Medium gekadreerd. Er is iets van omgeving te zien. Wellicht zijn werkkamer bij de universiteit van Cardiff.
Theo vertelt hoe hij na de academie naar Australië is gegaan, en daar toch nog taalwetenschappen is gaan studeren. Nu is hij professor in Cardiff en schrijft boeken over beeld en geluid.
THEO VAN LEEUWEN:
Het hoort allemaal bij mekaar voor mij. Koolhaas had dus
ongelijk. Ik geloof niet in die scheiding, ik doe nu net zulk
creatief werk als met die filmpjes.
79. INTERIEUR - INTERVIEW CEES
Medium gekadreerd.
CEES VAN EDE:
Ik had grote moeite om mezelf als maker een identiteit te
geven. Het was heel veel vorm en heel weinig inhoud. Ik had ook
altijd jaloezie ten opzichte van mensen met een beschadigd of
spannend verleden. Ik kwam uit een heel gelukkig burgermansgezin,
en had het altijd ontzettend naar mijn zin gehad. Dus ik had geen
verhalen.
80. EXTERIEUR -BINNENKANT AMSTERDAM
Annette komt haar voordeur uit en loopt naar haar fiets toe. Ze rijdt weg.
81. INTERIEUR - INTERVIEW ANNETTE
Medium gedraaid. Annette vertelt hoe ze haar plan voor een eindexamenfilm later toch nog gemaakt heeft.
ANNETTE APON:
Ik geloof wel in een hoge mate van toeval. De redenen waarom
je voor zoiets als een filmacademie kiest, moet je ook met een
grote korrel zout nemen.
In feite heb ik bereikt wat ik wilde bereiken: regisseur. Maar
als je begint realiseer je je niet wat het echt is en wat voor
positie je in zou nemen in de Nederlandse cinema. Eigenlijk denk
ik daar nog steeds niet echt over na. Carel vraagt me daar ook
wel naar. Of ik tevreden ben met wat ik bereikt heb.
82. INTERIEUR - INTERVIEW CAREL
Medium gekadreerd. Carel vertelt dat hij scenarioschrijver is geworden. Sinds hij voor de televisie schrijft, kan hij daar van leven. Een enkele keer heeft hij er nog weleens aan gedacht zelf te regisseren, maar hij is toch eigenlijk niet bestand tegen al dat gedoe er omheen, al die teleurstellingen die je moet overwinnen.
83. EXTERIEUR - HIGHWAY LOS ANGELES - SAN FRANCISCO
Een zilverkleurige bus rijdt door het landschap. Op de achtergrond wolkenkrabbers, fly overs.
84. INTERIEUR - BUS LOS ANGELES - SAN FRANCISCO
Edgar Burcksen is op weg van Los Angeles naar San Francisco waar hij woont.
85. EXTERIEUR - WOONHUIS EDGAR BURCKSEN
Edgar zit in de tuin, bij zijn zwembad.
EDGAR BURCKSEN:
Het is heel raar, maar ik weet niet of ik succesvol ben. Ik
heb wel een aantal dingen bereikt in de film. Ik weet wel dat ik
mezelf altijd kwetsbaar opstel, en dat ik ook dat als ik het
gevoel heb dat ik veranderingen opzoek. Daarom ben ik ook
weggegaan uit Nederland. Op een gegeven moment had ik zoiets van
ik heb nu het gouden kalf gewonnen, ik heb nu bijna met iedereen
gewerkt in de Nederlandse speelfilmwereld, moet ik nou tot mijn
vijfenzestigste hiermee doorgaan? Dus ik heb mijn bullen gepakt
en ben naar Amerika verhuisd.
86. EXTERIEUR - GEBOUW NIEUWE FILMACADEMIE
Dirk komt aanfietsen aan de kant van het nieuwe gebouw waar groot de letters Film en Televisie Academie opstaan. Hij zet zijn fiets op slot, en gaat met zijn pasje het gebouw in.
87. INTERIEUR - INTERVIEW DIRK
Medium gekadreerd. We zien iets van de omgeving. Dirk zit in het nieuwe gebouw van de Filmacademie (NFTA). Hij legt uit dat hij nu studieleider van de vakklas camera is.
88. INTERIEUR - ZEEHONDENCRCHE PIETERBUREN
Karst loopt langs de zeehonden die achter glas in kleine speciale ruimtes zitten naar zijn werkkamer.
89. INTERIEUR - INTERVIEW KARST
Medium gedraaid. Karsts werkkamer is helemaal vol herinneringen, affiches, apparatuur, pluche of houten beesten, etc. Het is een gezellige rommel.
KARST VAN DER MEULEN:
Ik ben toen in het vierde jaar doorgegaan met de productie
van Circus. Ik ben met Gofilex gaan praten, en het zou een
bioscoopfilm op 35 mm worden, met een ander budget. Ik zal nooit
vergeten hoe ik met Cees van Ede naar het station liep, terwijl
mijn film al een bijna geboren kind was. Cees had die film van
tafel geveegd. Ik voel nog de triomf toen ik vertelde dat Circus
toch gemaakt zou worden. Circus Op Stelten is twee weken na het
eindexamen gemaakt. In de zomer van '72 in ieder geval. En daarna
heb ik nog 7 jeugdfilms gemaakt en een aantal televisieseries.
90. EXTERIEUR - REGERINGSGEBOUWEN SURINAME
Borger komt een trap af. Hij loopt naast Wijdenbosch, de Surinaamse president, in gezelschap van een aantal goed geklede donkere mannen. Ze lopen naar twee grote limousines, stappen in en rijden weg.
91. INTERIEUR - INTERVIEW BORGER
Medium gekadreerd. We zien omgeving. Een ventilator die de gordijnen doet waaien, een mooi bureau. Borger vertelt hoe hij inderdaad naar Suriname is teruggegaan. Begonnen bij de televisie, is hij nu woordvoerder van de president. Eigenlijk is is hij hoofd coördinatie informatie en communicatie. Bij president Wijdenbosch, dus op het Kabinet. De staatsmedia vallen onder hem: de Surinaamse televisie dus.
92. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEW
RENÉ SCHOLTEN:
Ik ben producent geworden. Het klopt wel. Het had eigenlijk
toch niet anders kunnen gaan.
HILLIE MOLENAAR:
Ik maak documentaires, als regisseur en producent. Daar had
ik de Filmacademie verder niet voor nodig.
MARION HILHORST:
Ik heb te veel tijd en energie gestoken in eigen dingen waar
te weinig uit is gekomen. Ik wil iets doen wat ik zelf leuk vind,
en niet steeds ten dienste staan van anderen. Het is moeilijker
geworden.
EDGAR BURCKSEN:
Editor dus. Nog steeds.
ROB BONGERS:
Animatie dus. Free lance. Maar ik weet zeker dat ik nog een
keer mijn eigen film ga maken. Of ik ga schilderen.
RUUD BISHOFF:
Dat gaat niemand wat aan wat ik nu doe. Ik heb te vaak
meegemaakt dat je ideeën gejat worden. Nee, ik ben gewoon
huisman. Ik pas op de kleinkinderen.
LOUK VREESWIJK:
Ik zit in een marginale positie zowel in de antropologie als
in de film. Daar heb ik wel over nagedacht hoe dat nu precies
zit, maar ik geloof eigenlijk dat ik dat echt heb opgezocht. Dat
dat iets is waar ik me eigenlijk het prettigste voel. India is in
mijn leven gebleven. Ik ben daar een keer of dertig geweest. Ik
heb Indiase kinderen, en een Indiase vriendin. Ook mijn nieuwe
project is iets met India. Er is nog geen zicht op realisering.
Mijn grootste interesse ligt bij de documentaire richting, maar
dat is wat aan het veranderen. Ik weet niet waar het naar toe
gaat.
93. INTERIEUR - GEBOUW NPS
Cees loopt door de gang, kijkt even een kamer in, zegt vrolijk en terloops iets tegen iemand die we niet zien.
94. INTERIEUR - INTERVIEW CEES
Close.
CEES VAN EDE:
Ik was een keer bij jou (=DS) thuis, op een feestje, en toen
was ik net begonnen bij de televisie. Dus na 1976. Toen voelde ik
een ontzettende vijandigheid van de mensen uit ons jaar. Ik
voelde me zo verschrikkelijk buitengesloten.
95. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
CAREL DONCK:
Van Cees heeft het me heel erg verbaasd dat hij zijn
regisseurscarrière niet heeft doorgezet. Daar schrok ik van. Ik
heb het nooit begrepen.
DIRK TEENSTRA:
Van Cees hadden we natuurlijk allemaal gedacht dat hij
bioscoopfilms zou gaan maken.
CEES VAN EDE:
De reden dat ik opgehouden ben met films maken was mijn
eindexamenfilm. Dat vond ik een diepe teleurstelling. Ik vond het
niks. Er zit een moment in de film dat ik mooi vond, die monoloog
van Cançi, die kan me nog ontroeren. Het was zo pijnlijk, dat
contrast wat ik me ervan had voorgesteld en wat het geworden was.
(misschien een korte flits terug van de scène met Cançi)
LOUK VREESWIJK:
Ik denk dat je heel sterk moet zijn voor zo'n ambitie. Dat
bij Kees die ambitie van binnenuit niet sterk genoeg was. Die lag
meer aan de oppervlakte. Ik heb zelf ook een heleboel ambities
niet, maar toch soms een enkele ambitie wel, om iets te maken,
van binnen uit. Ik kan me heel onzeker voelen, maar als ik iets
beet heb, dan laat ik niet los, dan weet ik wat ik wil. Bij Kees
heb ik dat nooit zo gevoeld.
(Louk zegt altijd Kees in plaats van Cees, omdat hij hem kent uit een tijd dat Cees nog zo genoemd werd. Ik hoop dat hij dat terloops verklaart)
CEES VAN EDE:
Ik heb heel erg lang moeten zoeken wat dan wel. Ik ben trots
op het feit dat ik toch gekozen heb voor televisie, omdat ik weet
dat ik in de televisiewereld iets voor film kan betekenen en dat
is dus precies terug bij Koolhaas: dat je een intermediair bent
tussen een groep die van zijn gezond niet afweet -want in het
Gooi weten ze van niks- en een groep die op een ander spoor zit.
Ik ben echt op mijn plek gevallen.
96. INTERIEUR - FILMACADEMIEGEBOUW OVERTOOM
Langzame rijers door het verlaten gebouw. Verval. Tijd die niet meer terugkomt. Alles heeft iets onafwendbaar treurigs.
97. INTERIEUR - DIVERSE INTERVIEWS
BORGER BREEVELD:
Door de televisie is alles veranderd, je hoeft niet meer de
deur uit. De bioscoop in Suriname is verkocht aan een kerk. De
laatste eigenaar deed nog weleens een Nederlandse filmweek, maar
door de Surinaamse koers is het nu heel moeilijk te organiseren.
Weet je hoeveel Surinaamse zenders er nu zijn? Acht stuks.
HILLIE MOLENAAR:
We hadden idealen, over vorm en inhoud. En zoiets als sociale
betrokkenheid. Nu is het een industrie en men vraagt -net als bij
een krant- om tussen de advertenties informatie te geven. Het
soort advertenties bepaalt wat voor soort nieuws er bij gaat
komen. Zo is tv ook aan het worden. Jonge mensen worden nu
opgeleid tot laag in aanzien staande wegwerpregisseurs. Je moet
je kapot werken, je hebt geen sociaal leven. En er staan altijd
genoeg volgenden te trappelen.
ANNETTE APON:
Vroeger had je Nederlandse film die wat wilde worden, en je
had Hilversum wat niet veel voorstelde, vrij los daarvan. Drama
was er bijna niet op televisie. Toen ik van de Filmacademie af
was: iedereen die met film te maken had kende je. Die wereld was
heel klein. De speelfilmwereld is nu breder geworden, film en
televisie zijn aan elkaar vast gaan zitten. Wat er verder gaat
gebeuren onder invloed van nieuwe media weet ik niet. Misschien
gaat alles verdwijnen.
JAN RÖFEKAMP:
Commerciële film is voor Europa een totaal verloren zaak.
Sinds 1972 is het alleen maar slechter geworden en de marge -de
alternatieve film- is kleiner geworden. De belangrijkste
gebeurtenis in alternatieve film is de opkomst van de mini-majors
in de jaren 80: Miramax en October. Die hebben een soort commerciële
artfilm ontwikkeld die de hele marge in bezit genomen heeft. Die
mini-majors zijn nu allemaal opgekocht door de majors. Disney is
eigenaar van Miramax, October is door Universal gekocht, Orion is
opgegaan in Sony, en Sony is Coca Cola.
De economische strijd is harder geworden. Voor een kleine firma
is het nu al bijna onmogelijk om een film in Londen of Parijs uit
te brengen, omdat het te duur is.
Binnen 15, 20 jaar is het klassieke spel van bioscopen en
distributie verdwenen. Er zullen wel theaters blijven, maar als
een soort nostalgie. De grote spelers in het spel worden de
telephone companies die de airwaves en de kabels hebben. En de
enigen die geld gaan verdienen zijn de mensen die volume kunnen
aandragen. Ik maak nu al packetdeals van 40, 50 documentaires die
ik aan Planet verkoop. De opbrengst daarvan voor producenten is
verwaarloosbaar. Televisie brengt de standaard van de productie
omlaag, en daarmee de kosten. Hoogwaardige series die nu nog $
350.000 per uur kosten, kosten over 10 jaar nog maar $ 125.000.
De mensen zijn er dan van overtuigd geraakt dat de kwaliteit goed
genoeg is.
98. *BEELD
COMMENTAAR:
Ik kijk naar de mensen uit mijn klas. Hoe ze bewegen, hoe
sommigen bedachtzaam wachten voor ze een zin beginnen, hoe
anderen plotseling in lachen kunnen uitbarsten, hoe ze hun jas
aantrekken. Ik ben verbijsterd dat mensen zo weinig veranderen.
Lemmingen. Daar moet ik vaak aan denken. Iedere stap
heeft zijn gevolgen, zoals Cees zegt. Als we carrière hadden
willen maken, hadden we daar nu toch wel aan begonnen moeten zijn.
Het is zoals het is. En het is niet anders.
ds, donderdag 15 juni 2000